Monday 14 October 2019 | Home | Informatie | Multimedia | ANBI
Contact: mail snbrongebiedaalsbeek@kpnmail.nl

Waterschapsbeleid

In de ‘Stroomgebiedsvisie zuidoostelijk Maasterras’ geeft het waterschap Peel en Maasvallei haar visie op het waterbeheer van de stroomgebieden in dit deel van Limburg. Voor het stroomgebied van de Aalsbeek is het volgende punt van belang: het rapport geeft aan dat het Gewenste Grond en Oppervlakte waterRegime (GGOR) aan de voet van de steilrand natter is dan de huidige situatie. De verhoging van de grondwaterstand aan de rand van de steilrand is volgens deze visie zeer goed haalbaar. Deze verhoging kan worden bereikt door vergraving van de waterlopen langs de steilrand. Het verhogen van de grondwaterstand (max. 60 cm grondwaterstandsverhoging) veroorzaakt dan echter wel wateroverlast in de omliggende agrarische percelen (vitaal landelijk gebied P4). De visie gaat er echter van uit dat het natuurbelang zwaarder weegt dan het agrarisch belang (Tauw en Oranjewoud, 2002).

Er is een Inrichtingsvisie opgesteld voor het Stroomgebied van de Aalsbeek in 1996 (Grontmij, 1996). Deze visie is uitgangspunt voor de Integrale gebiedsvisie en inrichtingsplan dal Aalsbeek, wat betreft de ecologie van de Aalsbeek. In de inrichtingsvisie wordt op basis van een uitgebreide inventarisatie een streefrichting vastgesteld waarin de belangrijkste drie facetten voor het plangebied zijn:
• Een zone onderaan de steilrand met kwel en uittreding van water ten gunste van grondwaterafhankelijke natuur, zoals bronnen en bronlopen, bron- en broekbos, kwelgrasland en zoomvegetaties.
• Benedenstrooms is het streefbeeld een ingesneden meanderende terrasbeek met betrekkelijk schoon water deels afkomstig uit bronnen en zoveel mogelijk gevoed door onbeïnvloede bovenlopen.
• De bronnen en bronlopen van de Tegelse Broeklossing en Windhondenlossing wateren af op natuurlijke wijze op de meanderende Aalsbeek (Grontmij, 1996).

foto